Zaterdagochtend werd ik wakker en het eerste wat ik dacht was: "Oef, dat hebben we ook weer gehad."
Bij de gemeente Risør hadden we een uiterst beperkt budget voor sociale activiteiten en dit jaar was de hele pot was besteed aan een zomerfeest (waar ik niet bij kon zijn, maar dat was niet zo heel erg aangezien het op de bewuste avond goot van de lucht waardoor het geen bruisend buitenfeest werd maar een slappe avond in een triest hotel met een enigszins depressieve aftandse zanger die voortijdig het toneel verliet).
Met een lege feestkas is het slecht feesten en dus was besloten dat er dit jaar geen kerstetentje zou komen. Ach, wat jammer nou......
Maar ja, toen kwam de verhuizing.
Op 5 oktober begon ik in mijn nieuwe baan. Op 8 oktober kwam er een mailtje: "Goedemorgen Emmy, op 11 december is het jaarlijkse julebord. We hopen dat je komt. Groetjes, de feestcommissie."
Tja, wat nu?
Eén van de hoofdpunten in mijn functieomschrijving is aandacht voor het werkklimaat, zowel het fysieke (voorkomen van muisarmen enzo) als het sociale. Mooie verhalen houden en dan vervolgens niet op komen dagen op het julebord, dat vind ik eigenlijk niet kunnen. Ik voel me moreel verplicht om er heen te gaan. En eerlijk gezegd was ik ook wel een klein beetje nieuwsgierig, want het zou geen standaard kerstetentje in een restaurant zijn, maar een koud buffet in een "hut" in het bos.
Ik begon tijdig met de voorbereidingen. Zoals ik vorig jaar al schreef, is kleding erg belangrijk tijdens het kerstgebeuren. Om stress te voorkomen, toog ik naar een winkel waar ze kleding verkochten die ik leuk vond. Ik sprak de woorden "julebord in boshut" en voilà, een uurtje later stond ik buiten met een volledige julebordgarderobe (ok, nog iets meer ook....). Tjonge, wat kan het leven soms toch eenvoudig zijn.
Naarmate de feestavond dichterbij kwam, kreeg ik steeds meer zin om me net zo hard af te melden als ik me had aangemeld. Matig eten, flauwe toespraken, dronken collega's, tja, ik weet niet, ik word er gewoon niet vrolijk van.
Maar op 11 december, om 18 uur, bevond ik me natuurlijk toch gewoon in de bus die ons naar de hut zou brengen.
De feestcommissie had hard gewerkt om er wat van te maken: knus gedekte tafels, een kerstboom, een brandende open haard. Eerlijk is eerlijk, het zag er leuk uit.
Hoewel de traditionele ribbe en pinnekjøtt me dit jaar bespaard bleven, was het eten weer niet om over naar huis te schrijven: spekemat, ook zoiets typisch Noors. Spekemat laat zich nog het beste vertalen als "vleesschotel". In de praktijk betekent het schalen met worst en vleeswaren, schalen met salades - liefst aardappelsalade in een vettige saus -, en brood. De feestcommissie had nog wel een gezonde twist aan het geheel gegeven door ook schalen met voorgesneden fruit op tafel te zetten. En er was natuurlijk taart en chocolade. Dat laatste in grote hoeveelheden ingeslagen in Zweden, samen met het bier en de vleeswaren. We wonen hier tenslotte vlak bij de boot naar Strömstad, dus een harrytur is een fluitje van een cent.
De avond zelf dan? Mwah, goed te doen, al is het voor mij toch meer overleven dan beleven. De persoonsverandering die sommige collega's ondergaan, is over het algemeen geen verandering "ten goede", maar die beelden zet ik in een hoekje ver weg in mijn geheugen. Helemaal wissen van de harde schijf, dat lukt nog niet. Misschien over een paar jaar. Noren zijn er in elk geval heel goed in, dat weet ik zeker. Op maandagochtend is er geen kip die nog met een woord rept over het julebord van vrijdagavond, behalve dan de mensen die er niet bij waren en die vragen hoe het was. De rest lijkt het volledig te zijn vergeten. Misschien maar beter ook...
maandag 14 december 2009
woensdag 9 december 2009
Kookles
Afgelopen maandag om 17 uur denderde Rose bij ons naar binnen. Wie is dat nu weer? Nou, dat is iemand die ik via internet had besteld. Ruim een week geleden was John jarig en hoog op het verder niet zo lange wensenlijstje stond een avondje kookles. Dat bleek nog niet zo heel makkelijk te regelen, want de meeste kooklesgevers richten zich op grotere groepen (bedrijfsfeestjes en vrijgezellenavonden enzo). Maar uiteindelijk vond ik dus Rose, een kookjuf uit Larvik.
Het doel van de les was om wat nieuwe dingen te leren. Koken kan John namelijk al. En nog best goed ook. Ik ben in elk geval heel tevreden, en kijk altijd uit naar de dagen dat hij kookbeurt heeft. Alleen de logistiek van het koken is nogal eens een uitdaging. Als John weer eens experimenteert met iets nieuws, ziet de keuken er meestal uit alsof er een orkaan in heeft gewoed. Maar goed, dat ruimt hij dan ook zelf weer op.
Rose kwam ons wat bijbrengen over het klaarmaken van vis en schaaldieren. Op het menu stonden scampi, zalmforel en een dessert van vannbakkels, een soort soesjes. "De vrouw bakt", vond Rose (ze was iemand met nogal sterke meningen, om het zo maar eens uit te drukken), en ze zette mij aan het werk met melk, bloem en een eindeloze hoeveelheid eieren. Wat een kledderboel werd dat. Maar in de oven begonnen de meelbollen dan toch te rijzen. Gelukkig was ik zo slim om een foto te maken terwijl ze nog in de oven stonden, want eenmaal er uit, zakten ze natuurlijk meteen in elkaar. Maar niet getreurd: slagroom erin en het smaakte toch nog goed.
Intussen leefde John zich uit op het afsnijden van de kop van de zalmforel, het trekken van visbouillon en het marineren van de scampi. Heerlijke geuren stegen er op van zijn kant van de keuken. Het eindresultaat mocht er ook zijn: lekkere knapperige scampi, volle romige vissoep, overheerlijke zalmforel en tot slot dan, tja, de vannbakkels. Na het vertrek van Rose (hehe, wat een rust) aten we onze buikjes rond. We konden het zelfs, met enige moeite, opbrengen om de keuken in oorspronkelijke staat terug te brengen.
Ik verheug me al op de volgende kookbeurt van John.
vrijdag 27 november 2009
Sportbeleving
Zo, daar zijn we weer. Tja, het is nogal druk hier op het moment. Vooral overdag trouwens, 's avonds leven we hetzelfde rustige Noorse leven als altijd. Om daar verandering in te brengen, besloten we afgelopen woensdag naar een handbalwedstrijd te gaan. John had via school vrijkaartjes gekregen voor deze wedstrijd in onze eigen Arena. Nee, geen grap, zo heet Larviks grootste sporthal echt. Hoewel niet zo gigantisch als de Nederlandse Arena, is het een behoorlijk grote hal en splinternieuw. De hal is gelijk met de school waar John werkt, gebouwd (hij zit aan de school vast) en aan het begin van dit schooljaar geopend.
Wie nu denkt: "Hmm, een handbalwedstrijd, lekker spannend, maar niet heus", vergist zich. Handbal is in Noorwegen populair en dan vooral dameshandbal (in 2008 Europees en olympisch kampioen). Larvik speelt in de hoogste landelijke divisie, is regerend landskampioen en wordt beschouwd als de club die het Noorse dameshandbal regeert. Woensdag moesten ze aan de bak tegen de nummer twee op de ranglijst, dus het zou zomaar een echte kraker kunnen worden.
We wonen dicht bij de hal en gingen er lopend naartoe, waardoor de parkeerchaos ons bespaard bleef. De vrachtwagen van TV2 stond naast de hal samen met meerdere touringcars. De tribunes zaten stampvol met worst etende Noren. Hier was het duidelijk feest!
De sfeer deed me nog het meest denken aan een Amerikaanse basketbalwedstrijd, maar dat kan ook te maken hebben met het feit dat ik na mijn bezoek aan Boston Celtics in 2000 nooit meer bij een teamsport-wedstrijd van enig niveau ben geweest. De wedstrijd begon, de zaal kolkte, en een vijftal vikingen met ontbloot bovenlijf en horens op hun hoofd zorgde voor tromgeroffel op de juiste momenten.
Larvik kwam niet al te vlot op gang en keek na de eerste helft tegen een fikse achterstand aan. Dit hadden ze voornamelijk te danken aan eigen sloomheid, iets waar onze achterbuurman zich zo te horen nogal over opwond. Halverwege de tweede helft keerde het tij, Larvik krabbelde op en het publiek leefde mee. In eerste instantie door luidkeels de thuisspelende partij aan te moedigen, daarna door zich fluitend en boe-roepend tegen de andere partij te keren. Waar dat goed voor was, ontging me totaal, maar ik vond het eigenlijk behoorlijk onsportief en het was iets dat me in elk geval niet aan Amerikaans basketbal deed denken. Ik ben er nog niet achter of dit iets is van het Larvikse handbalmilieu of een Noors cultuurfenomeen waarmee we nog niet eerder kennisgemaakt hadden.
Uiteindelijk werden de punten gelijk verdeeld en kon iedereen toch nog min of meer tevreden naar huis.
Eerder deze week, of eigenlijk vorig weekend, stond het Noorse sportnieuws natuurlijk vooral in teken van de rel rond de inmiddels ex-coach van de Noorse schaatsploeg. Na jaren van gedoe en ruzies (behalve met Håvard, die schaatste onverstoorbaar door), verdwijnt onze Amerikaanse vriend dan toch uit de Noorse schaatswereld.
Net las ik dat Noorwegens grootste roddelblad een exclusief interview met hem publiceert (nú te koop!), hetzelfde roddelblad waar de -bijna 30 jaar jongere- vriendin van de schaatscoach voor werkt. En nu betrap ik mezelf er op dat ik zit te denken: "Zal ik 't gaan kopen?"
Wie nu denkt: "Hmm, een handbalwedstrijd, lekker spannend, maar niet heus", vergist zich. Handbal is in Noorwegen populair en dan vooral dameshandbal (in 2008 Europees en olympisch kampioen). Larvik speelt in de hoogste landelijke divisie, is regerend landskampioen en wordt beschouwd als de club die het Noorse dameshandbal regeert. Woensdag moesten ze aan de bak tegen de nummer twee op de ranglijst, dus het zou zomaar een echte kraker kunnen worden.
We wonen dicht bij de hal en gingen er lopend naartoe, waardoor de parkeerchaos ons bespaard bleef. De vrachtwagen van TV2 stond naast de hal samen met meerdere touringcars. De tribunes zaten stampvol met worst etende Noren. Hier was het duidelijk feest!
De sfeer deed me nog het meest denken aan een Amerikaanse basketbalwedstrijd, maar dat kan ook te maken hebben met het feit dat ik na mijn bezoek aan Boston Celtics in 2000 nooit meer bij een teamsport-wedstrijd van enig niveau ben geweest. De wedstrijd begon, de zaal kolkte, en een vijftal vikingen met ontbloot bovenlijf en horens op hun hoofd zorgde voor tromgeroffel op de juiste momenten.
Larvik kwam niet al te vlot op gang en keek na de eerste helft tegen een fikse achterstand aan. Dit hadden ze voornamelijk te danken aan eigen sloomheid, iets waar onze achterbuurman zich zo te horen nogal over opwond. Halverwege de tweede helft keerde het tij, Larvik krabbelde op en het publiek leefde mee. In eerste instantie door luidkeels de thuisspelende partij aan te moedigen, daarna door zich fluitend en boe-roepend tegen de andere partij te keren. Waar dat goed voor was, ontging me totaal, maar ik vond het eigenlijk behoorlijk onsportief en het was iets dat me in elk geval niet aan Amerikaans basketbal deed denken. Ik ben er nog niet achter of dit iets is van het Larvikse handbalmilieu of een Noors cultuurfenomeen waarmee we nog niet eerder kennisgemaakt hadden.
Uiteindelijk werden de punten gelijk verdeeld en kon iedereen toch nog min of meer tevreden naar huis.
Eerder deze week, of eigenlijk vorig weekend, stond het Noorse sportnieuws natuurlijk vooral in teken van de rel rond de inmiddels ex-coach van de Noorse schaatsploeg. Na jaren van gedoe en ruzies (behalve met Håvard, die schaatste onverstoorbaar door), verdwijnt onze Amerikaanse vriend dan toch uit de Noorse schaatswereld.
Net las ik dat Noorwegens grootste roddelblad een exclusief interview met hem publiceert (nú te koop!), hetzelfde roddelblad waar de -bijna 30 jaar jongere- vriendin van de schaatscoach voor werkt. En nu betrap ik mezelf er op dat ik zit te denken: "Zal ik 't gaan kopen?"
zondag 15 november 2009
maandag 2 november 2009
Spoken en varkens
Zaterdagavond om een uur of zeven gaat de bel. Voor de deur staan vier minispookjes. Ieeek! Nee, hè, Halloween. Helemaal vergeten. Of liever gezegd, niet echt bij stil gestaan dat Halloween ook snoep aan de deur betekent. Wat nu? John en ik draaien besluiteloos rondjes voor de keukenkastjes. Pure chocolade uit Nederland? Nee, dat vinden we zelf veel te lekker, en een Noors kind doe je er waarschijnlijk geen plezier mee. Versgebakken worteltjestaart dan? Hmmm, doe maar niet. De laatste kiwi verdelen onder vier kinderen? Valt ook af. Conclusie: niks, nada, ingenting hebben we de spookjes te bieden. We verontschuldigen ons uitgebreid. De spookjes lijken er niet mee te zitten en trekken monter verder naar het volgende huis. Nou, dat was dan een fraaie entree in onze nieuwe woonwijk. Gelukkig wonen we in een kindarme buurt: in totaal wordt er maar twee keer aangebeld. Dat is wel twee keer meer dan in Risør. Daar hebben we beide jaren niemand gezien met Halloween. Vandaar waarschijnlijk dat het nog niet in ons systeem zit.
Het kan ook zijn dat het systeem een beetje vastgeroest zit in het oude Sint Maarten patroon: op 11 november kwamen we per definitie nooit voor achten thuis, een prima tactiek om de Sint Maarten ellende te ontlopen.
Tot zover de spookjes-zaak.
Serieuzer is de varkenskwestie. Zoals in Nederland de kranten bol staan van de Mexicaanse griep, zo staan ze hier bol van de svineinfluensa ofwel de varkensgriep. Dat is dezelfde als de Mexicaanse, het klinkt alleen wat minder exotisch.
Aftenposten en de Volkskrant hebben ieder hun eigen "griepdossier". Daar vind je "alles wat je altijd al wilde weten", beweren ze, maar of je nou de Nederlandse of de Noorse variant leest, veel wijzer word je er niet van.
De risicotest dan misschien. Hoe vaak hebt u de afgelopen tijd een groot evenement bezocht? "Niet", kruis ik aan. Alhoewel....we zijn wel twee keer naar Ikea geweest de laatste maand. Is dat eigenlijk niet net zoiets?
Nou ja, gewoon nog maar even op dezelfde voet doorleven dan. Maar doen we dat met of zonder vaccinatie? De voor- en tegenstanders komen om het hardst aanzetten met bewijzen van hun gelijk. Hoe weet je nu of één van de twee net iets meer gelijk heeft?
Hier in Larvik kunnen voorlopig alleen de risicogroepen een prikje halen. Ik heb het lijstje met risico's aandachtig doorgelezen. Ikea-bezoek staat er niet bij. We kunnen de beslissing nog even uitstellen.
Het kan ook zijn dat het systeem een beetje vastgeroest zit in het oude Sint Maarten patroon: op 11 november kwamen we per definitie nooit voor achten thuis, een prima tactiek om de Sint Maarten ellende te ontlopen.
Tot zover de spookjes-zaak.
Serieuzer is de varkenskwestie. Zoals in Nederland de kranten bol staan van de Mexicaanse griep, zo staan ze hier bol van de svineinfluensa ofwel de varkensgriep. Dat is dezelfde als de Mexicaanse, het klinkt alleen wat minder exotisch.
Aftenposten en de Volkskrant hebben ieder hun eigen "griepdossier". Daar vind je "alles wat je altijd al wilde weten", beweren ze, maar of je nou de Nederlandse of de Noorse variant leest, veel wijzer word je er niet van.
De risicotest dan misschien. Hoe vaak hebt u de afgelopen tijd een groot evenement bezocht? "Niet", kruis ik aan. Alhoewel....we zijn wel twee keer naar Ikea geweest de laatste maand. Is dat eigenlijk niet net zoiets?
Nou ja, gewoon nog maar even op dezelfde voet doorleven dan. Maar doen we dat met of zonder vaccinatie? De voor- en tegenstanders komen om het hardst aanzetten met bewijzen van hun gelijk. Hoe weet je nu of één van de twee net iets meer gelijk heeft?
Hier in Larvik kunnen voorlopig alleen de risicogroepen een prikje halen. Ik heb het lijstje met risico's aandachtig doorgelezen. Ikea-bezoek staat er niet bij. We kunnen de beslissing nog even uitstellen.
zaterdag 24 oktober 2009
Quiz en speurtocht
Mijn derde week bij iFokus zit er op. Langzaamaan begint het gevoel dat alle Noren er hetzelfde uitzien te verdwijnen. Ik kan blindelings de juiste knop vinden op de koffieautomaat en de eerste vrijdagstaart is alweer verorberd. Die koffieautomaat is overigens absoluut een van de beste "employee benefits". Eindelijk niet meer de gebruikelijke Noorse koffiezetapparaat-bocht. Na een jaar Amerika was ik er van overtuigd dat Amerikanen de slechtste koffiezetters van de wereld zijn, maar ik ben er intussen achter dat de Noren minstens net zo veel recht hebben op die eretitel. Heb je extra veel pech, dan gebruiken ze het hier bekende merk Evergood, door ons allang omgedoopt tot Never Good: slootwater met een zurige afdronk. Bah!
Naast de koffie, bevalt het werk vooralsnog trouwens ook prima.
Sinds donderdag zijn we met iFokus in de race bij een quiz van NRK Radio Vestfold. Het gaat steeds tussen twee bedrijven die elk drie vragen moeten beantwoorden van het type "wie won in negentien-lang-geleden twee keer goud op de biatlon in het Finse huppeldepup". Zolang beide partijen evenveel goed hebben, gaan ze allebei door. Wie verliest, wijst de volgende deelnemer aan. Op die manier gaat het estafettestokje rond in Vestfold. De school van John was een paar weken geleden aan de beurt. Toen ze er steeds maar niet in slaagden te verliezen, besloot de rector dat ze zich terug zouden trekken. Zo'n gedoe om elke ochtend om half negen een groep mensen bij elkaar te krijgen voor een radiospelletje.
Wij zijn nu de eerste twee dagen door gekomen en gaan maandag vol goede moed verder.
Na de quiz volgde gisteravond een speurtocht. Niet op het werk, maar thuis. Pebbles kwam namelijk niet thuis van het buiten spelen. Hoewel zij niet zo'n goed ingebouwd kompas heeft als Nelson, meldde ze zich de afgelopen week steeds netjes voor de terrasdeur of het keukenraam. Maar gisteren dus niet. Een beetje poezenouder start dan natuurlijk meteen een zoekactie, dus wij naar buiten. We riepen en riepen en kamden het bos uit voor zover dat nog ging in het donker. Geen Pebbles. Tenslotte gaven we het op. De rest van de avond keken we om de vijf minuten verwachtingsvol naar de deur cq. het raam. Niks. Slapen dan maar.
Na een onrustige nacht vol dromen over verdwenen katten, sprong ik zodra het licht werd uit bed en ging weer naar buiten. Het duurde even, maar uiteindelijk vond ik de poes, verdwaasd om zich heen kijkend, in het bos. Hemelsbreed niet eens zo ver van huis. Samen gingen we op huis aan. Ik dolgelukkig en zij trillend van de stress. De rest van haar zaterdag bestond uit slapen op de stoel. Waar zou zij van dromen?
Naast de koffie, bevalt het werk vooralsnog trouwens ook prima.
Sinds donderdag zijn we met iFokus in de race bij een quiz van NRK Radio Vestfold. Het gaat steeds tussen twee bedrijven die elk drie vragen moeten beantwoorden van het type "wie won in negentien-lang-geleden twee keer goud op de biatlon in het Finse huppeldepup". Zolang beide partijen evenveel goed hebben, gaan ze allebei door. Wie verliest, wijst de volgende deelnemer aan. Op die manier gaat het estafettestokje rond in Vestfold. De school van John was een paar weken geleden aan de beurt. Toen ze er steeds maar niet in slaagden te verliezen, besloot de rector dat ze zich terug zouden trekken. Zo'n gedoe om elke ochtend om half negen een groep mensen bij elkaar te krijgen voor een radiospelletje.
Wij zijn nu de eerste twee dagen door gekomen en gaan maandag vol goede moed verder.
Na de quiz volgde gisteravond een speurtocht. Niet op het werk, maar thuis. Pebbles kwam namelijk niet thuis van het buiten spelen. Hoewel zij niet zo'n goed ingebouwd kompas heeft als Nelson, meldde ze zich de afgelopen week steeds netjes voor de terrasdeur of het keukenraam. Maar gisteren dus niet. Een beetje poezenouder start dan natuurlijk meteen een zoekactie, dus wij naar buiten. We riepen en riepen en kamden het bos uit voor zover dat nog ging in het donker. Geen Pebbles. Tenslotte gaven we het op. De rest van de avond keken we om de vijf minuten verwachtingsvol naar de deur cq. het raam. Niks. Slapen dan maar.
Na een onrustige nacht vol dromen over verdwenen katten, sprong ik zodra het licht werd uit bed en ging weer naar buiten. Het duurde even, maar uiteindelijk vond ik de poes, verdwaasd om zich heen kijkend, in het bos. Hemelsbreed niet eens zo ver van huis. Samen gingen we op huis aan. Ik dolgelukkig en zij trillend van de stress. De rest van haar zaterdag bestond uit slapen op de stoel. Waar zou zij van dromen?
zaterdag 10 oktober 2009
De eerste week in Larvik
We wonen nu ruim een week in ons nieuwe huis, dus tijd voor een berichtje.
Met een nieuwe baan en een huis dat ingericht moet worden, schiet er op doordeweekse avonden niet veel tijd over.
Met ons huis zijn we aardig op weg, maar nog lang niet klaar. Voordat we onze dozen verder kunnen uitpakken, moeten er eerst wat extra boekenkasten komen en wat lades enzo voor in de kledingkasten. Ook zijn we er wat meubels betreft nog niet helemaal uit. En hier en daar moet nog een muurtje geverfd.
Haast heeft het niet: het huis is ongeveer een jaar geleden helemaal opgeknapt, dus echt veel geklust hoeft er niet te worden (gelukkig voorlopig geen badkamerproject...), maar we willen natuurlijk dat het wat meer "van ons" wordt dan het op dit moment is.
We wonen weer erg dicht bij ons werk. Voor John 10 minuten lopen, voor mij 20. Fietsen dus nog korter. Net als in Risør 's ochtends berg af, 's middags berg op. Verder zijn we op de fiets zo in de stad, bij het bos, bij het strand etc. Al is dat laatste voorlopig niet echt relevant gezien de temperatuur. Gelukkig wist John me te vertellen dat het gruisveld naast de school 's winters een ijsbaan wordt.
De eerste week werken zit er ook alweer op. Ik werk nu als P&O adviseur bij iFokus, een re-integratiebedrijf. Er werken ongeveer 130 mensen, dus het zal even aanpoten worden om alle namen te leren.
Mijn functie is helemaal nieuw. Ik ben benieuwd wat het gaat worden. Voorlopig bevalt het goed. Ik word uitgebreid wegwijs gemaakt in het bedrijf, zo'n degelijke introductieperiode heb ik nooit eerder meegemaakt.
Natuurlijk kwam er ook al een uitnodiging voor het onvermijdelijke julebord mijn mailbox binnenploppen. Oeff, dat wordt weer een avondje doorbijten.
Het fototoestel hebben we net opgegraven uit een doos, maar foto's hebben we nog niet gemaakt. Even geduld dus nog.
Met een nieuwe baan en een huis dat ingericht moet worden, schiet er op doordeweekse avonden niet veel tijd over.
Met ons huis zijn we aardig op weg, maar nog lang niet klaar. Voordat we onze dozen verder kunnen uitpakken, moeten er eerst wat extra boekenkasten komen en wat lades enzo voor in de kledingkasten. Ook zijn we er wat meubels betreft nog niet helemaal uit. En hier en daar moet nog een muurtje geverfd.
Haast heeft het niet: het huis is ongeveer een jaar geleden helemaal opgeknapt, dus echt veel geklust hoeft er niet te worden (gelukkig voorlopig geen badkamerproject...), maar we willen natuurlijk dat het wat meer "van ons" wordt dan het op dit moment is.
We wonen weer erg dicht bij ons werk. Voor John 10 minuten lopen, voor mij 20. Fietsen dus nog korter. Net als in Risør 's ochtends berg af, 's middags berg op. Verder zijn we op de fiets zo in de stad, bij het bos, bij het strand etc. Al is dat laatste voorlopig niet echt relevant gezien de temperatuur. Gelukkig wist John me te vertellen dat het gruisveld naast de school 's winters een ijsbaan wordt.
De eerste week werken zit er ook alweer op. Ik werk nu als P&O adviseur bij iFokus, een re-integratiebedrijf. Er werken ongeveer 130 mensen, dus het zal even aanpoten worden om alle namen te leren.
Mijn functie is helemaal nieuw. Ik ben benieuwd wat het gaat worden. Voorlopig bevalt het goed. Ik word uitgebreid wegwijs gemaakt in het bedrijf, zo'n degelijke introductieperiode heb ik nooit eerder meegemaakt.
Natuurlijk kwam er ook al een uitnodiging voor het onvermijdelijke julebord mijn mailbox binnenploppen. Oeff, dat wordt weer een avondje doorbijten.
Het fototoestel hebben we net opgegraven uit een doos, maar foto's hebben we nog niet gemaakt. Even geduld dus nog.
dinsdag 29 september 2009
Verhuizing
28 september: vandaag word ik 41, vandaag gaan we verhuizen. Dat wil zeggen: John, Nelson en Pebbles gaan verhuizen. Ik blijf nog een paar dagen in Risør.
07.15 uur: ondanks eerdere opruimacties hebben we nog een hele auto met "rommel" weten te vullen. Dat moet uit de weg geruimd voordat de verhuizers het in een overijverige bui naar Larvik transporteren. Ik ga op pad. Hmm, ik kan me niet herinneren dat ik ooit mijn verjaardag begonnen ben op de vuilnisbelt. Nou ja, heb ik dat ook eens meegemaakt.
Ik ga een paar uurtjes werken terwijl John de mannen van Flexi Flyttebyrå ontvangt. Die we voor het gemak maar hebben omgedoopt tot de Flexiflytters of de Flexies.
De Flexies komen drie man en twee wagens sterk, keurig op tijd, opdraven en gaan aan de slag. Ongelooflijk wat ze allemaal in zo'n vrachtwagentje weten te stouwen.
Halverwege de dag vertrekken John en de katten vast naar Larvik. Die beesten snappen er natuurlijk niks van en hebben de hele ochtend zitten mokken omdat ze niet buiten mochten spelen. Nelson vond het in elk geval een goede reden om een luid mekkerconcert in te zetten. Of misschien was het een verjaardagslied voor mij. Dat zou natuurlijk ook kunnen.
De Flexies laden de laatste spullen in en ik begin vast met het schoonmaken van de koelkast. Het is me nooit opgevallen dat Noren bijzonder huishoudelijke mensen zijn, maar om een of andere reden is de schoonmaak voor de overdracht van een huis hier een Grote Operatie. Ik heb in elk geval uit de verhalen begrepen dat er erg nauw gekeken wordt. Aangezien wij destijds het huis kochten van Nederlanders, weten we niet precies waar vanuit moeten gaan. Veel mensen huren een bedrijf in om het huis schoon te maken voor oplevering, maar volgens anderen is dit compleet onnodig en zonde van het geld. Ons ben zuunig natuurlijk, dus we laten zelf maar de handjes wapperen. Na uren stofzuigen en boenen, besluit ik dat het goed is. Ik heb een grote tas vol met dweilen, doekjes, wc-borstel, enzovoort en natuurlijk geen auto of fiets hier. Gelukkig komt Mette-Marit me ophalen.
John dirigeert intussen de verhuizers door het nieuwe huis. Die zijn tot halverwege de avond zoet met uitladen en monteren. Tegen de tijd dat John kan beginnen te denken aan eten, heb ik al lang en breed een feestmaal achter de kiezen. Mette-Marit heeft een heerlijke kipschotel klaargemaakt en ter ere van mijn verjaardag eten we taart toe. Met kaarsjes. Toch nog een beetje jarig.
Donderdag is de overdracht van ons huis hier en als dat klaar is, stap ik met mijn koffertje en de tas met schoonmaakspullen op de bus naar Larvik. Dan zijn we echt verhuisd.
07.15 uur: ondanks eerdere opruimacties hebben we nog een hele auto met "rommel" weten te vullen. Dat moet uit de weg geruimd voordat de verhuizers het in een overijverige bui naar Larvik transporteren. Ik ga op pad. Hmm, ik kan me niet herinneren dat ik ooit mijn verjaardag begonnen ben op de vuilnisbelt. Nou ja, heb ik dat ook eens meegemaakt.
Ik ga een paar uurtjes werken terwijl John de mannen van Flexi Flyttebyrå ontvangt. Die we voor het gemak maar hebben omgedoopt tot de Flexiflytters of de Flexies.
De Flexies komen drie man en twee wagens sterk, keurig op tijd, opdraven en gaan aan de slag. Ongelooflijk wat ze allemaal in zo'n vrachtwagentje weten te stouwen.
Halverwege de dag vertrekken John en de katten vast naar Larvik. Die beesten snappen er natuurlijk niks van en hebben de hele ochtend zitten mokken omdat ze niet buiten mochten spelen. Nelson vond het in elk geval een goede reden om een luid mekkerconcert in te zetten. Of misschien was het een verjaardagslied voor mij. Dat zou natuurlijk ook kunnen.
De Flexies laden de laatste spullen in en ik begin vast met het schoonmaken van de koelkast. Het is me nooit opgevallen dat Noren bijzonder huishoudelijke mensen zijn, maar om een of andere reden is de schoonmaak voor de overdracht van een huis hier een Grote Operatie. Ik heb in elk geval uit de verhalen begrepen dat er erg nauw gekeken wordt. Aangezien wij destijds het huis kochten van Nederlanders, weten we niet precies waar vanuit moeten gaan. Veel mensen huren een bedrijf in om het huis schoon te maken voor oplevering, maar volgens anderen is dit compleet onnodig en zonde van het geld. Ons ben zuunig natuurlijk, dus we laten zelf maar de handjes wapperen. Na uren stofzuigen en boenen, besluit ik dat het goed is. Ik heb een grote tas vol met dweilen, doekjes, wc-borstel, enzovoort en natuurlijk geen auto of fiets hier. Gelukkig komt Mette-Marit me ophalen.
John dirigeert intussen de verhuizers door het nieuwe huis. Die zijn tot halverwege de avond zoet met uitladen en monteren. Tegen de tijd dat John kan beginnen te denken aan eten, heb ik al lang en breed een feestmaal achter de kiezen. Mette-Marit heeft een heerlijke kipschotel klaargemaakt en ter ere van mijn verjaardag eten we taart toe. Met kaarsjes. Toch nog een beetje jarig.
Donderdag is de overdracht van ons huis hier en als dat klaar is, stap ik met mijn koffertje en de tas met schoonmaakspullen op de bus naar Larvik. Dan zijn we echt verhuisd.
vrijdag 25 september 2009
Vrijdagskoez
Aanstaande woensdag is mijn laatste werkdag bij de gemeente, en vandaag is dus de laatste vrijdag dat ik daar werk en de laatste keer dat deelneem aan de "fredagskos" (koez). Kos, kose, koselig, hoe vertaal je dat? Knus, gezellig, genieten van, even lekker knussen. Zoiets ja, maar net zoals we in Nederland altijd zeggen dat ons "gezellig" niet te vertalen is, zo is voor mij de Noorse "kos" eigenlijk ook niet te vertalen.
Goed, de vrijdagskoez dus. Waar koezen wij ons dan zoal mee, hier in Risør?
Gezien mijn eerdere blogs waarin het Noorse alcoholbeleid ter sprake kwam, hoef ik waarschijnlijk niet uit te leggen dat de vrijdagskoez niet helemaal te vergelijken is met de Nederlandse vrijdagmiddagborrel. Nu ik er eens over nadenk, komen er overigens maar weinig werkplekken bovendrijven waar we een vrijdagmiddagborrel hadden. Misschien is dit een fenomeen dat vooral in onze gedachten bestaat?
De Noorse vrijdagskoez vindt plaats tijdens de lunch, die voor de gelegenheid meestal meteen maar met een half uur verlengd wordt. Het kan trouwens best zijn dat dat laatste uitsluitend een gemeentelijk fenomeen is...
Het koezen doe je met mensen van je eigen afdeling, en elke week is een andere collega verantwoordelijk voor meenemen van iets lekkers. Wie nu denkt dat dat leidt tot kakelverse eigengemaakte taarten en koekjes, komt bedrogen uit. Verreweg de meesten gaan voor zelfgehaald in plaats van zelfgemaakt. Nou ja, kan ook lekker zijn natuurlijk.
Behalve koek en taart, komt er tijdens de koez ook vaak ijs op tafel. We zijn tenslotte in Noorwegen!
Naast de bak met zelfgehaald supermarkt ijs staan steevast twee zakjes: een zak met gezouten pinda's en een zak met non stops (een soort smartie), die je geacht wordt over je ijs heen te strooien. Wie durft nu nog te beweren dat Noorwegen geen eetcultuur heeft?
Maar of er nu zelfgebakken taart of ijs met smarties op het programma's staan, ik koez gewoon lekker mee. Je intergreert of je integreert niet, hè?
Mijn laatste vrijdagskoez bij de gemeente zit er op. Het was een "ijs mèt" variant. De resten zijn opgeruimd, iedereen zit weer achter zijn bureau. Ik ook.....met een iets te volle buik en een vaag gevoel van weemoed.
Goed, de vrijdagskoez dus. Waar koezen wij ons dan zoal mee, hier in Risør?
Gezien mijn eerdere blogs waarin het Noorse alcoholbeleid ter sprake kwam, hoef ik waarschijnlijk niet uit te leggen dat de vrijdagskoez niet helemaal te vergelijken is met de Nederlandse vrijdagmiddagborrel. Nu ik er eens over nadenk, komen er overigens maar weinig werkplekken bovendrijven waar we een vrijdagmiddagborrel hadden. Misschien is dit een fenomeen dat vooral in onze gedachten bestaat?
De Noorse vrijdagskoez vindt plaats tijdens de lunch, die voor de gelegenheid meestal meteen maar met een half uur verlengd wordt. Het kan trouwens best zijn dat dat laatste uitsluitend een gemeentelijk fenomeen is...
Het koezen doe je met mensen van je eigen afdeling, en elke week is een andere collega verantwoordelijk voor meenemen van iets lekkers. Wie nu denkt dat dat leidt tot kakelverse eigengemaakte taarten en koekjes, komt bedrogen uit. Verreweg de meesten gaan voor zelfgehaald in plaats van zelfgemaakt. Nou ja, kan ook lekker zijn natuurlijk.
Behalve koek en taart, komt er tijdens de koez ook vaak ijs op tafel. We zijn tenslotte in Noorwegen!
Naast de bak met zelfgehaald supermarkt ijs staan steevast twee zakjes: een zak met gezouten pinda's en een zak met non stops (een soort smartie), die je geacht wordt over je ijs heen te strooien. Wie durft nu nog te beweren dat Noorwegen geen eetcultuur heeft?
Maar of er nu zelfgebakken taart of ijs met smarties op het programma's staan, ik koez gewoon lekker mee. Je intergreert of je integreert niet, hè?
Mijn laatste vrijdagskoez bij de gemeente zit er op. Het was een "ijs mèt" variant. De resten zijn opgeruimd, iedereen zit weer achter zijn bureau. Ik ook.....met een iets te volle buik en een vaag gevoel van weemoed.
dinsdag 15 september 2009
Verkiezingen
We hebben een nieuwe regering.
Nou ja, nieuw... Veel lijkt er niet te veranderen. Weer vier jaar rood-groen voor de boeg en vier jaar lang Jens op tv.
De afgelopen weken stonden in het teken van politieke debatten over de gebruikelijke onderwerpen: euthanasie, snelle wegen, snelle treinen, olie boren enzovoort. Hier en daar een ruzietje, het liefst tussen twee vrouwen die elkaar vervolgens plichtsgetrouw om de hals vielen. Handjes schudden in het land, o.a. op de school waar John werkt. Jens himself meldde zich in Larvik.
In Risør stonden op zaterdagen de standjes van de verschillende partijen op het plein en waren collega's en andere bekenden vermomd als politicus hebbedingen aan het uitdelen.
Wie vreesde net op de grote dag zelf geveld te zijn door de Mexicaanse griep, kon al eerder stemmen in een apart kamertje op het gemeentehuis. Hoewel het geen storm liep, zag ik toch elke dag wel wat mensen met een stembiljet in hun hand door de gang schuiven.
Aangezien we geen Noors staatsburger zijn, mogen we niet stemmen bij de landelijke verkiezingen. Lekker rustig. Al vulden we natuurlijk wel even de stemwijzer in op internet. Je weet tenslotte maar nooit of we nog eens Noor worden. Voorlopig is dit trouwens niet aan de orde, dat kan pas op z'n vroegst over vijf jaar.
Bij de gemeenteraadsverkiezingen mogen we overigens wel stemmen. Die zijn over twee jaar.
Gisteren, op de stemdag, zag ik in de supermarkt iets dat mijn aandacht trok. Op de koelkast waar bier in staat, hing een A4-tje waarop stond: "In verband met de verkiezingen vandaag geen bierverkoop."
"Wat is dit nu weer voor iets?", vroeg ik me af. Dus vandaag maar eens aan Mette-Marit gevraagd. "O ja", zei die, "op de dag dat we naar de stembus gaan, wordt er geen alcohol verkocht, want we moeten nuchter zijn, he, als we stemmen."
Heuh??
Mensen kunnen toch net zo goed een voorraadje drank in de koelkast cq kelder hebben staan? Of ben ik nu gek?
Nou ja, hoe dan ook: we hebben een nieuwe regering. Skål!
Nou ja, nieuw... Veel lijkt er niet te veranderen. Weer vier jaar rood-groen voor de boeg en vier jaar lang Jens op tv.
De afgelopen weken stonden in het teken van politieke debatten over de gebruikelijke onderwerpen: euthanasie, snelle wegen, snelle treinen, olie boren enzovoort. Hier en daar een ruzietje, het liefst tussen twee vrouwen die elkaar vervolgens plichtsgetrouw om de hals vielen. Handjes schudden in het land, o.a. op de school waar John werkt. Jens himself meldde zich in Larvik.
In Risør stonden op zaterdagen de standjes van de verschillende partijen op het plein en waren collega's en andere bekenden vermomd als politicus hebbedingen aan het uitdelen.
Wie vreesde net op de grote dag zelf geveld te zijn door de Mexicaanse griep, kon al eerder stemmen in een apart kamertje op het gemeentehuis. Hoewel het geen storm liep, zag ik toch elke dag wel wat mensen met een stembiljet in hun hand door de gang schuiven.
Aangezien we geen Noors staatsburger zijn, mogen we niet stemmen bij de landelijke verkiezingen. Lekker rustig. Al vulden we natuurlijk wel even de stemwijzer in op internet. Je weet tenslotte maar nooit of we nog eens Noor worden. Voorlopig is dit trouwens niet aan de orde, dat kan pas op z'n vroegst over vijf jaar.
Bij de gemeenteraadsverkiezingen mogen we overigens wel stemmen. Die zijn over twee jaar.
Gisteren, op de stemdag, zag ik in de supermarkt iets dat mijn aandacht trok. Op de koelkast waar bier in staat, hing een A4-tje waarop stond: "In verband met de verkiezingen vandaag geen bierverkoop."
"Wat is dit nu weer voor iets?", vroeg ik me af. Dus vandaag maar eens aan Mette-Marit gevraagd. "O ja", zei die, "op de dag dat we naar de stembus gaan, wordt er geen alcohol verkocht, want we moeten nuchter zijn, he, als we stemmen."
Heuh??
Mensen kunnen toch net zo goed een voorraadje drank in de koelkast cq kelder hebben staan? Of ben ik nu gek?
Nou ja, hoe dan ook: we hebben een nieuwe regering. Skål!
maandag 31 augustus 2009
Dorp
Verhuizen? Nieuwe baan? De collega naast me aan de lunchtafel kijkt me verbaasd aan.
Oh, had je dat nog niet gehoord dan? Vraag ik. Nee, zegt ze, maar ik spreek buiten het werk niet zoveel mensen, ik ben tenslotte niet echt van hier, ook al woon ik hier al 32 jaar.
Risør in een notendop....
Op mijn eerste werkdag bij de gemeente, een kleine twee jaar geleden, ontdekte ik tot mijn stomme verbazing dat veel mensen al wisten met wie ik samenwoonde en welk huis we hadden gekocht. Nu ben ik verbaasd als iemand een nieuwtje nog niet gehoord blijkt te hebben. Zou dit een vorm van over-inburgering zijn?
Ik ben benieuwd of ik het dorpse straks zal missen.
Op mijn werk vind ik het kleinschalige soms lastig. Iedereen is op een of andere manier wel familie van elkaar en de lokale politici hebben vaak direct dan wel indirect persoonlijk of zakelijk belang bij zaken die in de gemeenteraad aan de orde komen. Dit kan tot merkwaardige discussies leiden. Vaak komisch, soms tragisch en in elk geval lang niet altijd professioneel.
Voor ons als nieuwkomers met allebei een baan hier, maakte de kleinschaligheid het makkelijk om in contact te komen met mensen. Voor een oppervlakkig gesprekje staan de meesten wel open. Mensen echt leren kennen is een stuk lastiger. De meesten zijn erg op hun eigen familie gericht en op de dorpsgenoten die ze al vanaf hun babytijd kennen. Ik heb collega's die oorspronkelijk uit andere delen van Noorwegen komen, maar hier naartoe verhuisden omdat ze een Risøriaan aan de haak hadden geslagen (en die verhuist natuurlijk onder geen beding naar een andere plaats!). Zij zeggen dat het wel een jaar of tien duurde voordat ze het gevoel hadden dat ze een deel van de lokale samenleving begonnen te worden.
Ik geloof niet dat mensen van buiten hier bewust buitengesloten worden. Het is meer een onbewust proces omdat je nu eenmaal niet dezelfde wortels en hetzelfde referentiekader hebt als de mensen die hier zijn geboren en getogen.
Op onze aanstaande verhuizing krijgen we grofweg twee soorten reacties: aan de ene kant de mensen die zich er helemaal niets bij voor kunnen stellen. Weggaan uit Risør staat voor hen ongeveer gelijk aan een enkele reis naar Mars. Aan de andere kant zijn er diegenen die het eigenlijk ook wel zouden willen, maar niet doen "want ja, ik heb al mijn familie hier, hè".
Je zou bijna gaan denken dat veel mensen hier wonen tegen wil en dank. Alhoewel....het leven dat velen hier hebben met huis, hytte, boot, zee en zon (ok, dat laatste de afgelopen tijd toevallig niet zo heel veel..) is natuurlijk niet zo heel erg beroerd.
Oh, had je dat nog niet gehoord dan? Vraag ik. Nee, zegt ze, maar ik spreek buiten het werk niet zoveel mensen, ik ben tenslotte niet echt van hier, ook al woon ik hier al 32 jaar.
Risør in een notendop....
Op mijn eerste werkdag bij de gemeente, een kleine twee jaar geleden, ontdekte ik tot mijn stomme verbazing dat veel mensen al wisten met wie ik samenwoonde en welk huis we hadden gekocht. Nu ben ik verbaasd als iemand een nieuwtje nog niet gehoord blijkt te hebben. Zou dit een vorm van over-inburgering zijn?
Ik ben benieuwd of ik het dorpse straks zal missen.
Op mijn werk vind ik het kleinschalige soms lastig. Iedereen is op een of andere manier wel familie van elkaar en de lokale politici hebben vaak direct dan wel indirect persoonlijk of zakelijk belang bij zaken die in de gemeenteraad aan de orde komen. Dit kan tot merkwaardige discussies leiden. Vaak komisch, soms tragisch en in elk geval lang niet altijd professioneel.
Voor ons als nieuwkomers met allebei een baan hier, maakte de kleinschaligheid het makkelijk om in contact te komen met mensen. Voor een oppervlakkig gesprekje staan de meesten wel open. Mensen echt leren kennen is een stuk lastiger. De meesten zijn erg op hun eigen familie gericht en op de dorpsgenoten die ze al vanaf hun babytijd kennen. Ik heb collega's die oorspronkelijk uit andere delen van Noorwegen komen, maar hier naartoe verhuisden omdat ze een Risøriaan aan de haak hadden geslagen (en die verhuist natuurlijk onder geen beding naar een andere plaats!). Zij zeggen dat het wel een jaar of tien duurde voordat ze het gevoel hadden dat ze een deel van de lokale samenleving begonnen te worden.
Ik geloof niet dat mensen van buiten hier bewust buitengesloten worden. Het is meer een onbewust proces omdat je nu eenmaal niet dezelfde wortels en hetzelfde referentiekader hebt als de mensen die hier zijn geboren en getogen.
Op onze aanstaande verhuizing krijgen we grofweg twee soorten reacties: aan de ene kant de mensen die zich er helemaal niets bij voor kunnen stellen. Weggaan uit Risør staat voor hen ongeveer gelijk aan een enkele reis naar Mars. Aan de andere kant zijn er diegenen die het eigenlijk ook wel zouden willen, maar niet doen "want ja, ik heb al mijn familie hier, hè".
Je zou bijna gaan denken dat veel mensen hier wonen tegen wil en dank. Alhoewel....het leven dat velen hier hebben met huis, hytte, boot, zee en zon (ok, dat laatste de afgelopen tijd toevallig niet zo heel veel..) is natuurlijk niet zo heel erg beroerd.
zaterdag 22 augustus 2009
Laatste weken op Ringveien 29
Nog vijf weken min een dag en dan krijgen we de sleutel van ons huis in Larvik. Voordat het zover is, moeten we natuurlijk nog het nodige doen en regelen. Omdat John doordeweeks al in Larvik woont, betekent dat veel telefoontjes heen en weer. Nu komt het goed uit dat we via ons "fri familie" abonnement gratis met elkaar kunnen bellen.
We hebben allebei zo onze taken. Terwijl John fietsend heel Larvik verkent en zich 's avonds buigt over de verschillende aanbieders van internet, stroom en tv, bouw ik een warme band op met de hypotheekman en de verzekeringsman.
Is John in gedachten al druk bezig het nieuwe huis in te richten, ik houd me vooral bezig met het opruimen van Ringveien 29 (en niet alleen in gedachten).
We dachten dat we grondig hadden opgeruimd voordat we naar Noorwegen vertrokken, maar getuige de dertig half- of ongeopende dozen op zolder zijn we toch niet selectief genoeg geweest. Tijd om al die dozen uit te mesten is er niet (vinden we), maar het leek ons wel een goed moment om ons weer eens van wat aftandse cq. kapotte dingen te ontdoen. Op naar het afvalperron dus. Onhandig genoeg is dat voornamelijk geopend op de tijden dat de gemiddelde Noor op zijn werk zit, maar gelukkig zijn ze op donderdag tot maar liefst 18.00 uur open. Samen met mijn collega Mette-Marit die ook nog een berghok met troep had, huurde ik een aanhanger. Even de mouwen opstropen en na een uurtje of twee was de klus geklaard.
Deze week konden we ook nog een mijlpaal vieren: de badkamer op de logeerverdieping is af! Al met al een project van ongeveer een jaar en acht maanden, gerekend vanaf het moment dat we voor het eerst met een sanitairboer praatten. We lezen vaak dat het zo moeilijk is om Noorse aannemers in wat voor branche dan ook aan de slag te krijgen en hier was het niet anders. En toen ze eenmaal aan de slag waren, was het nog een eindeloos heen en weer gebel om de werkzaamheden van de loodgieter, de tegelzetter en de elektricien op elkaar af te stemmen. Maar nu is het dan toch af en kunnen we straks de badkamer in de beloofde staat overdragen.
Abonneren op:
Berichten (Atom)





