zondag 5 juni 2011

Weekendje Århus


Een maandje geleden was de jaarlijkse Larviksloop. Eigenlijk probeer ik die zo snel mogelijk te vergeten, want ik herinner het me vooral als 7,5 km afzien met veel tegenwind. Toch leverde die loop één positief ding op en dat was dat John won in zijn leeftijdsklasse en een tegoedbon voor een retourtje Larvik-Hirtshals mee naar huis nam. Vorig jaar had hij overigens ook gewonnen, maar toen was het er niet van gekomen de bon te gebruiken. Nu besloten we meteen maar toe te slaan.

Zo zaten we donderdagochtend om 8 uur op de boot naar Denemarken en een paar uur later in het zonnetje aan de lunch in Århus. Århus is een gezellige, levendige stad met veel leuke kleine winkeltjes en cafeetjes. Tel daar de zon bij op en je hebt een heerlijk weekend.
Niet zo ver van het centrum ligt "de oude stad", dat is niet het oude centrum van Århus, maar een soort openluchtmuseum. Afgebroken oude panden zijn vanaf allerlei plekken naar Århus verplaatst en daar in oorspronkelijke staat opgebouwd. Erg leuk om doorheen te wandelen. Århus is echt een aanrader voor wie er even tussen uit wil en geen zin heeft in een al te grote stad.

Gisteren, op weg terug naar Hirtshals, maakten we een tussenstop in Aalborg. Op het eerste gezicht was daar niets van de charme van Århus te vinden, maar na een tijdje rondwandelen, kwamen we toch in allerlei knusse straatjes en hofjes terecht.
Om kwart over tien 's avonds vertrok de boot naar Larvik. Midden in de nacht (2 uur) in Larvik aankomen is natuurlijk wat minder, maar gelukkig was het maar 5 minuten rijden van de haven naar huis:-)

Toen we vanochtend opstonden, was het bewolkt. Dat was even wennen na drie dagen lekker zomers weer. In de loop van de dag klaarde het echter op en zo kreeg het lange weekend een zonnige afsluiting.
Foto's van het weekendje in Denemarken.

maandag 9 mei 2011

Hut

Maandagochtend, 06.31. De trein is bijna in Sandefjord. Nog twee uurtjes rijden naar Oslo. Ik heb net ingelogd op het internet van de NSB; op de route Larvik-Oslo ben je in de meeste treinen van alle gemakken voorzien. Tijdens mijn vorige reis vond ik overigens uit dat er tussen Drammen en Oslo door de vele tunnels niet meer echt goed te internetten valt. Meteen aan de slag dus maar.

Het wordt een weekje met weinig thuis zijn: vandaag en morgen studie in Oslo en woensdag en donderdag op Jomfruland met een van de afdelingen van het werk. John is achtergebleven met de katten en met honderden mieren die de keuken in bezit hebben genomen...

Afgelopen week was ik ook al een nachtje weg, samen met drie collega's: Anja, Anniken en Heidi. Al die uitjes zijn in het kader van teamontwikkeling, jaja, er wordt heel wat af ontwikkeld. En tussen door moeten we nog gewoon werken ook! Onze ontwikkeldag was op dinsdag en Anja had ons uitgenodigd om maandag na het werk naar haar hytte te gaan, de vakantiehut die eigenlijk niet van haar is, maar van haar hele familie zoals meestal het geval is. We reden dus naar Valle, ongeveer drie kwartier hier vandaan, richting Kragerø.
Hut is eigenlijk geen goede benaming voor de moderne vakantiehuizen die de meeste Noren tegenwoordig hebben, het zijn echt geen blokhutjes van vier bij drie. Wel is het altijd afwachten welke voorzieningen er zijn. Stroom hebben de meesten, maar water is geen vanzelfsprekendheid. Hier hadden we alleen koud stromend water in een buitenkraan, en een zogenaamde snurredass. Geen flauw idee hoe deze variant in het Nederlands heet, maar ik noem het maar de boomschorsplee.
Veel oude hutten hebben nog een utedo, een buitenplee, zo'n zetel met een gat er in, in een houten hokje een paar meter van de hut. De snurredass is een modernere variant voor huthoudens zonder stromend water, een soort zelfcomposterend systeem. Het ruikt dan ook volop naar "compost". Degenen die in het gelukkige bezit zijn van stromend water, installeren meestal een gewone wc. Soms na enig aarzelen, want waar blijft de charme van het hytteleven met al die moderne voorzieningen?

Ondanks de compostlucht hebben we het erg leuk gehad in Valle. Misschien verlang ik wel terug naar de hut als ik vanavond op mijn kamertje in een doorsnee-hotel in Oslo zit.

donderdag 21 april 2011

Skiën bij +10

Paasvakantie! Lekker een weekje vrij. De eerste helft van de week is er volop zon geweest en voor de komende dagen is de weersvoorspelling ook niet verkeerd. Je hoort ons dus niet klagen.

De late "Paas" en het mooie weer stelden de Noren echter wel voor een probleempje. Voor hen is Pasen synoniem met hut, sneeuw en kvikklunsj (een mislukte variant op de kitkat) en -als de kinderen naar bed zijn- vooral ook met veel drank. Nu zijn de meeste van die ingrediënten niet seizoensgebonden, maar net datgene wat voor het juiste paasgevoel moet zorgen, sneeuw, is dat natuurlijk wel. Waar ligt er nog sneeuw?

Die vraag stelden wij onszelf ook toen we opeens bedachten dat het toch wel leuk zou zijn om nog één keertje te gaan skiën. De dichtstbijzijnde piste was al een tijdje dicht. Kongsberg, iets verderop, was nog wel open, maar daarover hadden Michan en Paulien ruim een week geleden al gerapporteerd dat het niet veel soeps meer was. Tenslotte kwamen we uit bij Trysil. Wel een stukje rijden, maar we hadden de tijd. Snel een kattenverzorger geregeld, overnachting geboekt en dinsdagochtend vroeg zetten we koers richting Trysil.
Er waren nog genoeg pistes open daar, al was de sneeuw niet meer geweldig. Het was zwaar skiën en daarom namen we veel pauze. Lekker in het zonnetje...

We overnachtten in een hotel in een dorpje een kwartier buiten Trysil. Nou ja, dorpje... Vijf huizen en een kerk, veel meer was het niet. Wie heeft de moed om daar een hotel te runnen? Juist, Nederlanders. Het eerste waar ik aan denk als ik zo'n typisch Noors hotel binnenstap is "te groot, te oud, onderhoud, stookkosten, hoe kun je hier in vredesnaam iets rendabels van maken". Ik kan niet anders dan respect hebben voor mensen die zich in zo'n avontuur storten.

Intussen zijn we weer thuis. Lekker nog een paar dagen een beetje klussen en rommelen, misschien nog een uitstapje in de buurt. We zien het wel.
Hieronder nog wat foto's van Verdens ende, iets voorbij Tønsberg. Daar schreef ik vorig jaar al een keer over, maar toen hadden we geen foto's gemaakt. Twee weken geleden waren we er weer, dus toen konden we dat even goed maken.


zondag 27 maart 2011

Na de winter...

Het is lang geleden sinds de vorige blog verscheen, maar we zijn er nog gewoon hoor:-)
Wat hebben we dan zoal gedaan de afgelopen weken? Veel geglibberd om te beginnen. We hadden weer een hoop sneeuw deze winter, maar niet zo veel sneeuwdagen, dus het aantal keren dat we moesten ruimen viel erg mee. In de loop van februari kwam de temperatuur, met behulp van een lekker zonnetje, af en toe al boven nul. Daardoor smolt de sneeuw, maar 's nachts bevroor de boel natuurlijk weer. Op sommige dagen kon je zonder hulpmiddelen lopend nauwelijks vooruit komen.

Nu is de sneeuw in rap tempo aan het verdwijnen en terugkijkend kunnen we vaststellen dat we weer eens te weinig gebruik hebben gemaakt van de mogelijkheden die de Noorse winter biedt. We hebben natuurlijk geskied en we hebben een paar keer geschaatst. De langlaufski's staan nog onaangeroerd in het berghok. Zo'n gedoe met schuren en waxen dat we bij mooi weer altijd maar weer voor de "gewone" ski's kiezen. Dat wat voor ons de gewone ski's zijn dan, want als je hier verteld dat je bent wezen skiën denkt iedereen het eerste aan langlaufen. Nee, wat wintersport betreft zijn we nog lang niet vernoorst.

Op het werk gaat alles zijn gangetje. Niet dat het saai is, want er zijn altijd wel veranderingen gaande. Als re-integratiebedrijf werken we in opdracht van NAV en dus is het elk jaar weer spannend wat het budget voor het jaar erna is. Dat was bepaald geen feest voor 2011, maar we zijn er vooralsnog gelukkig zonder gedwongen ontslagen vanaf gekomen. Een paar mensen die nog niet zo lang in dienst waren, zijn zelf vertrokken. Helaas waren dat mensen die we graag hadden gehouden, maar in Noorwegen staat het "last in first out" principe nog steeds als een huis, dus het is begrijpelijk dat sommigen hard op zoek gingen naar ander werk.

Vorige maand ben ik begonnen aan een module HR van 15 studiepunten. Hier zijn ze stapeldol op studiepunten, certificaten enzovoort. Daar moest ik in het begin erg aan wennen, maar nu weet ik al niet meer beter.... 15 studiepunten staat gelijk aan een kwart studiejaar als het omrekent naar voltijd. Het zijn 5 bijeenkomsten van twee dagen, in Oslo. En daar komen dan dus ook mensen van gekke kleine eilandjes voor de noordelijke westkust op af. Ben ik blij dat met twee uurtjes treinen op de plaats van bestemming ben! Na elke bijeenkomst moet er een opdracht ingeleverd worden. Het serieuzere schrijfwerk dus. In november wordt het geheel afgesloten met een thuisexamen. Dat is ook weer een schrijfopdracht, alleen heb je er dan minder tijd voor.

Nou, ik ga zo maar eens een beetje buiten werken. Een nadeel van de smeltende sneeuw is dat we opeens de tuin en het terras weer zien, en daar werd ik niet vrolijk van. Tjongejonge wat een puinhoop. Aan de slag dan maar!

zondag 6 februari 2011

Wafelpret

Tuurlijk, er valt heel wat af te dingen op de Noorse keuken, maar met één ding moeten we echt heel blij zijn: de wafel. De Noorse wafel dus, zo'n luchtige, knapperige, goudbruine met vijf, eventueel vier, harten. Daarop een lekkere laag aardbeienjam. Alternatieven zijn er ook, bijvoorbeeld suiker of brunost, maar jam is toch het lekkerst. En het allerlekkerst is het met slagroom bovenop de jam.

Wafels vind je in bijna alle bedrijfs- en sportkantines, op braderieën en daar waar wat wat verkocht moet worden voor het goede doel. Lekker zijn ze helaas lang niet altijd. Het aantal wittige, taaie, slappe en vooral koude wafels dat we de afgelopen jaren weggeslikt hebben is allang niet meer op twee handen te tellen. Beste Noorse kantine-mensen: Ik snap ook wel dat het handig is om een hele stapel wafels te bakken en die dan op een soort van warm-houd-bordje te leggen tegen de tijd dat het volk komt lunchen, maar een wafel hoort WARM te zijn. Zo!

Gisteren gingen we skiën in Svarstad, niet zo ver hier vandaan. Het was een paar graden onder nul, lekker zonnig en de sneeuw was nog goed. Een perfecte ski-dag dus. Om het geheel extra feestelijk te maken, besloten we een wafel te gaan happen in de cafetaria op de skipiste. Tot onze ontzetting bleken ze daar echter geen wafels te verkopen. Nou ja, zeg! Een ski-cafetaria zonder wafels, dat is net zoiets als een McDonald's zonder hamburgers...

Omdat we nu eenmaal in wafel-stemming waren, besloten we om dan maar thuis wafels te maken. Liever gezegd, dat John thuis wafels zou gaan maken. Hij heeft de afgelopen jaren heel wat af-geëxperimenteerd met wafelbeslag, meestal met succes. Deze keer aten we een volkoren-variant. "Komt niet op de eerste plaats", oordeelden we, "maar toch erg lekker." Met jam en slagroom natuurlijk...

zondag 16 januari 2011

Bloemetje


Toen we vrijdagmiddag boodschappen gingen doen, werden we bij de ingang van de winkel verwelkomd door een zee van vrolijke rode tulpen. Aanbieding, kr 15,- per bos! 15 kronen, dat is echt een koopje hier in Noorwegen, zelfs als de "bos" in kwestie maar uit 7 tulpen bestaat.

Het aantal keren dat we sinds we hier wonen bloemen op tafel hebben gehad, is op één hand te tellen en die bloemen waren of gekregen of geplukt. Ik krijg nog steeds een hartverzakking van de prijs van bloemen hier en vooral van wat je dan voor die prijs krijgt. Dan waren we in Nederland toch maar verwend..
De term boeket heeft een heel andere inhoud gekregen. Jubilarissen bij de gemeente Risør kregen een "boeket" bestaande uit vijf armzalige bloemen en een tak groen. En daar telde je dan al gauw 300 kronen voor neer.

Dus nu staan de zeven tulpen ons toe te lachen op tafel (ja, we hadden natuurlijk wel meteen een paar bosjes kunnen kopen, maar dat bedacht ik me achteraf pas).
Ik vrees dat we hierna weer een paar maanden moeten wachten op bloeiende bloemen: Als de sneeuw straks weg is, hoop ik dat de in de herfst geplante krokussen en narcissen omhoog schieten.

zaterdag 1 januari 2011

Terugblik

1 januari: Gelukkig nieuwjaar allemaal!

Terugkijken hoor je eigenlijk op 31 december te doen, maar dat kwam deze keer niet zo goed uit. Gisteren had ik het nog te druk met bijkomen van de terugreis van Hurghada naar Larvik. Dat ging niet zo soepel allemaal. Op het vliegveld van Hurghada was het extra chaotisch omdat het computersysteem van slag was door het onweer van de dag ervoor of, zoals de man van de informatiebalie vriendelijk uitlegde: "Bad weather, bad system, yes? You welcome".
Lange tijd was het onduidelijk wanneer het vliegtuig zou gaan, maar plotseling konden we boarden, en toen weer niet, en toen weer wel. Afijn, twee uur te laat vertrokken we dan eindelijk. Toen we een uur of twee onderweg waren kregen we het bericht dat we door de vertraging niet in één ruk naar Oslo konden vliegen want dan zou het personeel het maximum aantal toegestane werkuren overschrijden. Dat werd dus een tussenlanding in Kopenhagen. Daar zaten we natuurlijk net op te wachten...
Om half drie 's nachts waren we thuis. Nou, en daar moest ik dus van bijkomen gisteren.

Terugkijkend op ons eerste volle jaar in Larvik constateren we dat we tevreden zijn.
Risør was idyllischer en voldeed op het eerste gezicht veel meer dan Larvik aan wat we in ons hoofd hadden als we dachten aan wonen in Noorwegen. Maar in de dagelijkse werkelijkheid bleek een idyllische woonplek niet genoeg. We hebben blijkbaar toch behoefte aan een aantal "stadse" dingen op niet al te lange afstand en doen allebei het liefst werk dat meer geeft dan alleen geld op de bankrekening. Dat is natuurlijk voor ieder mens anders en ik kan begrijpen dat sommige emigranten het helemaal fantastisch vinden om in the middle of nowhere te wonen, maar voor ons zou het niet werken.

Mijn nieuwe baan was wennen. HRM is hier in veel branches nog lang niet zo gewoon en ontwikkeld als in Nederland en ik heb vaak moeten uitleggen wat ik nou eigenlijk deed. Het is niet altijd leuk om het gevoel te hebben dat je keer op keer je aanwezigheid moet verdedigen. Maar de laatste maanden beginnen de stukjes steeds beter op hun plek te vallen.

John heeft het naar zijn zin op de splinternieuwe school vijf minuten lopen hier vandaan. Waar in elk lokaal een beamer en een smartboard (of iets vergelijkbaars) hangen, alle docenten en alle leerlingen een laptop hebben en een groot deel van de communicatie in de digitale leeromgeving plaatsvindt. Zo achtergebleven als Noorwegen op sommige gebieden is, zo "bij" zijn ze als het gaat om ict in het onderwijs. Naast wiskunde geeft hij dit jaar voor het eerst ook natuurkunde. Dat was even slikken in het begin, je moet toch helemaal vertrouwd raken met de lesmethode enzo, maar ja, het is hier nu eenmaal gewoon dat een docent meerdere vakken geeft (of dat goed is, is een tweede, maar dat lijkt me meer iets voor een blog van John).

Over het vele moois hier in de omgeving heb ik al vaker geschreven, maar om dit vooral niet te vergeten voeg ik nog even een plaatje bij. Vandaag zijn we in de stralende zon 2011 ingewandeld.

zaterdag 18 december 2010

Vakbonden

Het is zaterdagavond 19.00 uur. Buiten sneeuwt het zachtjes, uit de keuken stijgt de veelbelovende geur van avondeten in wording op. Ik surf een beetje rond op internet en besluit om eens een kijkje te nemen om de website van mijn vakbond.
Als iemand me een paar jaar geleden had gezegd dat ik ooit lid zou worden van een vakbond, had ik hem waarschijnlijk voor gek verklaard. Ja, vakbonden zorgden er voor dat er eens in de zoveel tijd een nieuwe cao kwam en af en toe kwamen ze op tv. Dat was dan meestal in verband met een of andere staking. Leden schenen ze ook te hebben (20-25% van de werkende bevolking), maar die werkten blijkbaar ergens anders dan ik.

Dan Noorwegen: ruim de helft van de werkenden is hier lid van een vakbond, bij de overheid ligt de organisatiegraad zelfs rond de 80%. Niet zo vreemd dus dat ik tijdens mijn eerste werkweek bij de gemeente Risør al benaderd werd om me aan te sluiten bij een van de grootste vakbonden.
Daar moest ik eerst eens goed over nadenken. Het vakbondsgebeuren sprak me totaal niet aan, maar niet lid zijn betekende geen recht op salarisonderhandelingen en dat vond ik ook niet echt geslaagd. In Noorwegen wordt door de bonden niet alleen op centraal maar ook op lokaal niveau onderhandeld. Eerst worden de centrale richtlijnen afgesproken, vervolgens wordt binnen die richtlijnen in het bedrijf zelf onderhandeld over de salarissen voor groepen werknemers en ook individueel. Bij de overheid (en ook bij veel andere bedrijven) kunnen uitsluitend de bondsvertegenwoordigers die lokale onderhandelingen voeren. Je kunt dus als werknemer gewoon niet rechtstreeks met je leidinggevende over je eigen salaris onderhandelen. Dit o.a. om een grote mate van gelijke behandeling te bereiken en om de "zwakken" te beschermen. Heel nobel allemaal, maar ik regel mijn zaakjes toch liever zelf.

Uiteindelijk sloot ik me aan bij de vakbond waar ik de minste weerstand tegen voelde. Hoewel ik op mijn huidige werk prima zonder bond zou kunnen, ben ik nog steeds lid. Net als vele anderen te lui om op te zeggen/over te stappen omdat dat ook gevolgen heeft voor allerlei voordelen zoals korting op verzekeringen etc. Jaja, het idealisme is weer ver te zoeken, ik weet het.

Zolang ik het werk blijf doen dat ik doe, zullen de bonden altijd een belangrijke gesprekspartner voor me blijven, maar dan aan de "andere kant" van de tafel, en dat deel van het bondsgedoe vind ik dan juist wel weer grappig. Ze hebben allemaal hun eigen stokpaardjes en hun achterban is bijna altijd ontevreden (what's new?). Waar ik nu werk, onderhandelen we maar met één bond, dus dat is zo gepiept (vergeleken met de acht/negen die we in de kommune aan tafel kregen).

Met die typisch Noorse hang naar gelijkheid die naar buiten toe zo sterk gepredikt wordt, blijkt het als puntje bij paaltje komt ook wel mee te vallen. Want wat denkt de gemiddelde werknemer die nu eenmaal mens is?: "Gelijkheid is belangrijk, want het zou niet eerlijk zijn als een ander meer verdiende dan ik, maar zelf lever ik natuurlijk net iets beter werk dan de meeste anderen, dus het zou eerlijk zijn als ik wat meer kreeg dan de rest."
Zie daar in de praktijk maar eens wat moois van te maken...

woensdag 15 december 2010

Handbalkoorts

Het is misschien niet iedereen in Nederland opgevallen, maar op dit moment wordt in Noorwegen en Denemarken het EK handbal voor vrouwen gespeeld. Om precies te zijn is nu Nederland-Noorwegen aan de gang. We staan inmiddels met 10-21 achter. Voor alle duidelijkheid: met "we" bedoel ik Nederland. Jammer, maar niet zo gek. Je zou kunnen zeggen dat Nederland een handbaldwerg is (weliswaar groeiende, maar toch..) en Noorwegen de handbalreus. Deze week wordt er in een gigantische hal in Lillehammer gespeeld, maar de groepswedstrijden van vorige week waren bij ons om de hoek.

Zoals ik eerder al eens schreef, wonen we in het handbal-mekka van Noorwegen. Het was daarom ook niet zo vreemd dat er in Larvik gespeeld werd. Toevallig zat Nederland in de groep die hier speelde, dus kochten we kaartjes voor de eerste wedstrijdavond.
Het liep bepaald geen storm met toeschouwers (Noorwegen speelde meteen al in Lillehammer), maar met een beetje fantasie kon je toch zeggen dat er een oranje vak was op de tribune. ,Oranje pruiken, leeuwenstaarten, mooi hoor... Nou ja, die rode Noorse vikinghorentjes, dat is ook niet alles, zullen we maar zeggen.
Na voor de eerste wedstrijd betaald te hebben, zagen we nummer twee en drie gratis dankzij een actie van de school. Zo kwamen we lekker in de stemming.

Noorwegen leek probleemloos op de halve finale af te stormen, maar leed onverwacht een pijnlijke nederlaag tegen Zweden. Helaas zijn ze nu tegen Nederland weer als vanouds op dreef. Nederland wordt compleet gedold, de Noorse commentator heeft het al over een "trainingswedstrijdje tegen een lilliputter-team". Jaja, zo kan-ie wel weer. We verliezen dik. Snel over naar een ander net dan maar. En hopen dat er niet al te veel collega's gekeken hebben...

Onze handbalkoorts is weer even gezakt. Toch was het leuk. En Nederland was bij vlagen best goed. De volgende keer zijn we heel zeker opnieuw fan van Nederland:-)

dinsdag 30 november 2010

Paardendag


Een maandje of twee geleden was er bij mij op het werk groot nieuws: "Wij kopen Damgården", schreef onze directeur op onze intranettsite. Damgården is een manege in het bos ongeveer een kilometer buiten Larvik.

Wat moet een re-integratiebedrijf met een manege?
De Noorse re-integratiemarkt werkt niet helemaal hetzelfde als de Nederlandse, al is het uiteindelijke doel wel hetzelfde, namelijk mensen weer aan het werk (of naar school) krijgen.
Het is hier heel gebruikelijk -veel meer dan ik in Nederland gewend was- om mensen op een uitprobeerplek of stageplek te laten werken. In de vier kinderdagverblijven (ook al zo'n gangbare combinatie met re-integratie in Noorwegen) die ons bedrijf heeft, zijn heel wat mensen op stagebasis aan de slag (naast een volledige vaste bezetting). Ik moet toegeven dat ik eerst wat vraagtekens bij deze aanpak had, maar zie nu dat het in bepaalde gevallen goed werkt. Voor mensen die na een moeilijke periode weer bijna aan het werk kunnen, is een kinderdagverblijf een goede tussenstap. Kleine kinderen zegt het immers niets dat iemand uit de ww of wao komt. En paarden ook niet. Vandaar....

Behalve voor werkstages, denken we de manege voor nog veel meer te kunnen gebruiken. Mentale training, aanpak van lichtere gedragsproblemen etc.
Voor al die stages en andere activiteiten moet er natuurlijk wel iemand zijn die de boel begeleidt. Daarom gingen we op zoek naar een stalhulp. Dergelijke banen zijn bijna altijd op vrijwillige basis, dus onze advertentie voor een betaalde baan trok veel sollicitanten. Jonge paardenmeisjes, voormalige wedstrijdruiters, mensen die waren opgegroeid op een paardenboerderij, van alles kwam er voorbij.
Na een eerste selectie en een gespreksronde, hadden we nog een paar kandidaten over. Ons belangrijkste doel was er achter komen hoe zij in de praktijk met mensen omgaan en het reilen en zeilen in een stal kunnen uitleggen aan niet-paardenmensen. Mijn collega en ik waren het er snel over eens dat ik heel geschikt was om in deze "case" de rol van onwetende te vervullen.

En zo stond ik vanmiddag drie uur lang met steeds weer een andere sollicitant in de stal. Ik leerde over het belang van hooi voor de spijsvertering en over voer, borstelde vacht en staart met verschillende soorten borstels, en schraapte troep uit de hoeven. Ik weet niet wie er in het begin nerveuzer was, die sollicitant(en) of ik, maar uiteindelijk brachten we het er allemaal goed vanaf!

Dit was een van de leukste sollicitatieprocedures ooit om aan mee te werken, ik zal deze middag niet snel vergeten. Het was trouwens wel berekoud. Als het buiten -12 is, wordt het in een stal nu eenmaal ook niet zo erg warm.

Onze sollicitanten moeten nog heel even op de uitslag wachten, en ik zit morgen gewoon weer achter mijn bureau. Ik moet eens hard gaan nadenken over een manier om meer paardendagen in mijn werk te krijgen.

zaterdag 20 november 2010

De geur van mandarijnen

Mandarijnen, de supermarkten liggen er vol mee. Heerlijk, vooral als ze een beetje zurig zijn. En ze moeten strak in hun schil zitten natuurlijk. Het moeten niet van weeïge slappe dingen zijn. Beginnen te pellen en dan de geur opsnuiven, de geur van gure 11 november avonden en van de voorpret voor sinterklaas.

"Oh, mandarijnen", zegt mijn collega, "zo knus, de geur van kerst." "Nee", denk ik bij mezelf, "nee, nee, nee, kerst dat is dennennaalden en gesmolten kaarsvet." Maar we hebben werk te doen en geen tijd om de emoties rond de geur van mandarijnen verder te analyseren. Ik vind het trouwens niet altijd makkelijk om Nederlandse tradities uit te leggen. Wat is Sint Maarten? Een soort Halloween, maar dan anders. Sinterklaas? Net zoiets als de Kerstman, maar ook weer niet helemaal.

Je kunt het natuurlijk wel vertellen, maar het gevoel kun je niet doorgeven. Net zoals een Noor mij zijn 17 mei gevoel niet kan doorgeven.

Inburgering draait om veel meer dan alleen de taal en kennis van feiten...

zondag 24 oktober 2010

Bergen

Van woensdag tot en met vrijdag was ik op het arbocongres in Bergen. Inderdaad, hetzelfde als twee jaar geleden. De geschiedenis begint zich te herhalen, een teken dat we niet meer zo "nieuw" zijn hier.

De avond voor vertrek pakte ik een klein koffertje met de vaste dingen: hardloopkleding (met regenjack omdat het in Bergen twee van de drie dagen regent, en met handschoentjes omdat het rap kouder begint te worden en de eerste sneeuw van het jaar voorspeld was), jurk voor het "feestdiner", instapkaart, paspoort..... O, wacht even, paspoort is natuurlijk niet nodig op een binnenlandse vlucht. Binnen Noorwegen heb ik genoeg aan mijn bankpas. De bankpas als ID, ik vind het nog steeds een beetje gek, maar tegelijkertijd erg handig. Pasfoto, persoonsnummer, de hele rimram staat er op, en dus kun je ermee het vliegtuig in. Ook bij het afhalen van pakjes e.d. is het erg handig, want een Nederlands rijbewijs telt niet als ID, altijd maar je paspoort meeslepen is ook niet alles, en mijn bankpas heb ik altijd bij me.

Over het congres zal ik niet uitweiden. Dat was goed, net als de vorige keer. Het feestdiner was saai, ook net als de vorige keer. Ik weet niet of het te maken heeft met cultuurverschil of gewoon met mij, maar ik vind het niet feestelijk om aan tafel te zitten met mensen die al aangeschoten zijn tegen de tijd dat het hoofdgerecht op tafel komt. Diezelfde mensen die 's middags nog zo enthousiast waren over de lezingen over alcoholverslaving en "alcohol en werk", leken de inhoud van die lezingen spontaan vergeten.
Het entertainment vond ik ook niet leuk, sorry. De hoempapa die je verwacht bij de zilveren bruiloft van ome Piet en tante Truus (in de jaren zeventig wel te verstaan), daar heb ik gewoon niks mee.
Maar het toetje was erg lekker:-)



Bergen ligt werkelijk schitterend en aangezien woensdagmiddag de zon scheen, besloten we het Fløibanen-treintje naar boven te nemen om van het uitzicht te genieten. Een must voor elke toerist!

Donderdag kwam, zoals voorspeld, de sneeuw. Dat betekende drab op straat, en een fraai laagje poedersuiker op de bergen.
Het lijkt nog maar zo kort geleden dat het winter was, en nu is het alweer bijna zo ver...

(foto's genomen met mijn telefoon, dus helaas geen topkwaliteit)